Losse korrels en zaden
Definitie

lijst GS-codes die onder deze kaart vallen
Goed stromende korrelproducten; granen, zaden; voedingsmiddelen; diervoeder enz.

Oliehoudende zaden en vruchten, en alle vormen gepelletiseerd product.

Voor producten in poedervorm, zie de specifieke kaart voor “Levensmiddelen, poeder”.

Voor producten in afzonderlijke verpakkingen, zie de specifieke kaart voor ”Detailhandelsverpakkingen en eindproducten”.

Losse korrels en zaden
Aanbevolen minimale hoeveelheid voor elk monster
  • 0,5 kg (1 kg for the determination of the quality of wheat)
Toepasselijke normen (ISO- en EU-normen) en relevante wetgeving
  • ISO 542 Oliehoudende zaden – Monsterneming.
  • ISO 948 Specerijen en kruiden – Monsterneming.
  • ISO 24333 Granen en graanproducten – Monsterneming.
  • Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie tot vaststelling van bemonsterings- en analysemethoden voor de officiële controle van diervoeders.
Raadpleeg ook uw nationale wetgeving en nationale richtsnoeren met betrekking tot bemonstering.

Nodige apparatuur
Voorgestelde monsternemer naargelang de gebruikte methode
Te gebruiken houders voor de monsterneming
  • Plastic zakken, verschillende formaten, met of zonder voorbedrukt etiket (P00)
  • Plastic flessen, verschillende formaten (P01, P03, P04)
The containers must be made of a material suitable for food.
Veiligheidsvoorzorgen en risicobeoordeling
  • You should be aware of and follow any health and safety instructions in the local risk assessment and/or safe working practices for the location where the sampling is to take place.
  • See Health and Safety for the ‘Sampling of Food Products’ for detailed advice on hygiene and risks for dry foods in bulk.
  • The hygiene of food products must be maintained.
  • Ensure you have clean and appropriate PPE for the circumstances.
  • Products of vegetable origin can be dusty or infested with agents that are dangerous to human health. Officers should make a risk assessment when they have sighted the consignment.
  • Officers should wear appropriate respiratory protection for exposure to dust.
  • High levels of dust in the air in combination with static electricity may generate a fire or explosion.

Monsternemings-plan
Soort zending Procedure
Consignment for Customs clearance One aggregate sample consisting of an appropriate number of incremental samples chosen randomly or systematically throughout the consignment.
Zakken, trommels Eén verzamelmonster: door willekeurige selectie, uit verschillende delen van de zending.

Take incremental samples at random from at least two bags or drums from the middle.

Raadpleeg voor de controle van diervoeders Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie tot vaststelling van bemonsterings- en analysemethoden voor de officiële controle van diervoeders.
Stortgoed dat wordt verplaatst door middel van een transportband of andere stromende korrels Eén verzamelmonster: samengesteld uit basismonsters genomen uit de volledige diameter van de stroom, op intervallen die worden bepaald door de bewegingssnelheid. Zie voor meer informatie het deel Algemeen Bemonsteringsmethoden – hoofdstuk 2.3.

Where the grain is being mechanically moved using conveyors or other equipment there may be diverter valves or chutes which allow samples to be drawn at regular intervals from the moving stream. If these are not present it may be necessary for health and safety reasons to stop the flow and use a shovel or scoop to draw samples from the conveyor. In some cases samples may be collected by passing a scoop with long handles through the moving stream of grain at regular intervals. In each case samples must be drawn during the whole time the lot is flowing past the sampling point to ensure the aggregate sample is representative.
Los < 15 ton in wagons, tanks of containers Eén verzamelmonster: van basismonsters genomen op regelmatige intervallen terwijl de zending in beweging is (zie: Stortgoed in beweging) of op minstens vijf gebruikelijke plaatsen. Zie voor meer informatie het deel Algemeen Bemonsteringsmethoden 2.2.

Raadpleeg voor de controle van diervoeders Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie tot vaststelling van bemonsterings- en analysemethoden voor de officiële controle van diervoeders.
Los > 15 ton maar < 30 ton in wagons, tanks of containers Eén verzamelmonster: van basismonsters genomen op regelmatige intervallen terwijl de zending in beweging is (zie: Stortgoed in beweging) of op minstens acht gebruikelijke plaatsen. Zie voor meer informatie het deel Algemeen Bemonsteringsmethoden 2.2.

Raadpleeg voor de controle van diervoeders Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie tot vaststelling van bemonsterings- en analysemethoden voor de officiële controle van diervoeders.
Los > 30 ton maar < 50 ton in wagons, tanks of containers Eén verzamelmonster: van basismonsters genomen op regelmatige intervallen terwijl de zending in beweging is (zie: Stortgoed in beweging) of op minstens elf gebruikelijke plaatsen. Zie voor meer informatie het deel Algemeen Bemonsteringsmethoden 2.2.

Raadpleeg voor de controle van diervoeders Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie tot vaststelling van bemonsterings- en analysemethoden voor de officiële controle van diervoeders.
Los < 500 ton in silo's Eén verzamelmonster: samengesteld uit basismonsters genomen op regelmatige intervallen tijdens het verplaatsen (zie: Stortgoed in beweging) of overbrengen van de zending naar een andere silo.

Raadpleeg voor de controle van diervoeders Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie tot vaststelling van bemonsterings- en analysemethoden voor de officiële controle van diervoeders.
Los in schip > 500 ton in één ruim Eén verzamelmonster: van basismonsters genomen op regelmatige intervallen terwijl de zending wordt verplaatst (zie: Stortgoed in beweging) of op minstens vijf gebruikelijke plaatsen (één in het midden plus vier op middelpunten tussen het midden en de bovenkant).
Los in schip > 500 ton in verscheidene ruimen Eén verzamelmonster voor elk ruim: van basismonsters genomen op regelmatige intervallen terwijl de zending wordt verplaatst (zie: Stortgoed in beweging) of op minstens vijf gebruikelijke plaatsen. Zie voor meer informatie het deel Algemeen Bemonsteringsmethoden 2.2.

Raadpleeg voor de controle van diervoeders Verordening (EG) nr. 152/2009 van de Commissie tot vaststelling van bemonsterings- en analysemethoden voor de officiële controle van diervoeders.

Omgaan met monsters
Algemene opmerkingen
  • Als het product als los stortgoed wordt vervoerd, moet de lading worden beschouwd als een geheel en moeten de monsters op alle plaatsen van de lading worden genomen.
  • Representatieve monsterneming: het monster moet representatief zijn voor de hele zending. Er moeten ondermonsters worden genomen uit de hele lading of tijdens het hele losproces. De aanbevolen minimale hoeveelheid voor elk basismonster bedraagt 1 kg. De ondermonsters moeten grondig worden gemengd om het verzamelmonster te verkrijgen. Zorg dat het te bemonsteren product ongewijzigd blijft door het monsternemings-proces. Vermijd behandeling (zoals ventilatie of zeven) om de aanwezigheid van stof of andere bestanddelen (zemelen enz.) te verminderen.
  • Monsters nemen: Er bestaan verschillende methoden naargelang de manier waarop het korrelproduct wordt vervoerd of uit het vervoersmiddel wordt gelost.
  • Stortgoed
    • Zonemonsternemer (S02-01). De sondes worden in de lading gestoken met de opening naar beneden, vervolgens 180º gedraaid en langzaam teruggetrokken om een uniform monster uit de hele doorsnede te nemen. In elke lading moet het monster op drie verschillende hoogtes (bovenaan, midden en onderaan) en op verschillende plaatsen worden genomen om te waarborgen dat het verzamelmonster representatief is.
    • Monstersteker (S01-01). Verticale sondes moeten met de monsternemings-kamer(s) gesloten in het product worden gestoken. Wanneer de sonde de gewenste diepte heeft bereikt, moeten de kamers worden geopend en moet de sonde worden rondgedraaid zodat de kamers worden gevuld. Sluit de kamers en trek de sonde uit het product. Voor elke lading moet het monster op verschillende plaatsen over de hele oppervlakte en op verschillende diepten worden verzameld zodat het verzamelmonster representatief is.
Monsternemings-formulier
  • Vul het monsternemings-formulier in. Voeg één exemplaar bij de monsters en houd één exemplaar bij om te archiveren.
Vervoer
  • Bewaar de monsters op kamertemperatuur op een droge en goed geventileerde plaats. Bescherm ze tegen licht en geuren om verontreiniging, micro-organismen of andere situaties te voorkomen die het monster kunnen aantasten.
Opslag
  • Bewaar de monsters op kamertemperatuur op een droge en goed geventileerde plaats. Bescherm ze tegen licht en geuren om verontreiniging, micro-organismen of andere situaties te voorkomen die het monster kunnen aantasten.
  • Monsters waarvan het vochtgehalte moet worden gecontroleerd of waarvan het vochtgehalte de analyse kan beïnvloeden, moeten worden verpakt in vochtdichte houders met een luchtdichte afsluiting. De houder moet volledig worden gevuld en vervolgens worden verzegeld om eventuele veranderingen van het vochtgehalte te voorkomen.

Losse korrels en zaden (breid lijst uit)
GS-nummer Beschrijving


Herzieningen
Versie Datum Wijzigingen
1.0 12.10.2012 Eerste versie
1.1 30.01.2020 Wijziging titelkaart; aanpassingen in de tekst en de lijst met GS-nummers
1.2 15.01.2021 Update - New format, text modification